13 november 2007
Learning Styles: How can we use them effectively in the online environment?
Als je het totale programma van de Conference on IT kijkt, valt op dat
er veel onderwerpen vanuit de technologie benaderd worden: Social
Bookmarking, Podcasting, Vodcasting, et. cetera. Des te opvallend is
dat het onderwerp "Learning Styles: How can we use them effectively in
the online environment?" van Jack P. Krichen, van Capella University
probeert vanuit leerstijlen het gebruik van technologie te
onderbouwen.

In zijn presentatie gaat het allereerst in op het gebrek aan onderzoek
naar het gebruik van technologie in de klas, en zeker niet naar
leerstijlen en technologie. Vreemd, want in de VS hebben 96% van de
grote universiteiten online cursussen en zijn zelfs tweederde van hen
volledig online. De vraag die gesteld moet worden is hoe kun je online
cursussen effectief inzetten als je weet dat de ene persoon
bijvoorbeeld leert door te luisteren, de ander door te reflecteren, en
weer een andere door actief te experimenteren.

Volgens de spreker hebben docenten vaak een erg vaag begrip over
leerstijlen, de volgende definitie voldoet het beste:

The cognitive, affective and physiological factors that server as
relative stable indicators of how learners perceive, interact with,
and respond to the learning environment [Swanson, 1995].

In het onderzoek dat de spreker doet, heft hij vooral gekeken naar de
volgende leerstijltheorien:
1. Multiple Intelligence van Gardner (1995) – is niet echt een
leerstijl, maar binnen de hersenen zijn verschillende plekken aan te
wijzen waar de verschillende intelligenties zich huisvesten. Tevens is
vast te stellen welke delen van de hersenen actievere zijn dan
anderen, en dus een voorkeur heeft voor een bepaalde intelligentie.
2. Leerstijlen van Kolb (1984) – in de theorie van Kolb vindt het
leren plaats via 4 stappen (die een cirkel vormen): converger,
diverger, assimilator en accommodator.
3. Canfield (1988) – in deze leerstijl worden een aantal zaken
onderscheiden: a.Conditions – de ene student leert door samen te
werken met gelijken, de andere leert beter in een competative
omgeving, en weer een ander leert door duidelijke doelen te stellen,
b. Content – sommige mensen houden van het bestuderen van getallen,
mensen, c. Mode of learning – bijvoorbeeld luisteren, lezen, direct
ervaren, et. cetera. en d. Expectation for Course Grade – op basis van
de verwachting van het resultaat van het leren levert de student meer
of minder inzet.

Er worden een aantal tools genoemd om leerstijlen te achterhalen:
Midas (multi intelligence), Canfield LSI, Kolb Inventory, Felver
Silverman LSI (is gratis).

Als je het traditionele leren vergelijkt met het online leren dan
vallen er een aantal zaken op. Bij online interactie is deze
interactie asynchroon, er zijn mogelijkheden om het interface te
varieren per student, en er zijn mogelijkheden om cursussen aan te
passen aan het niveau van de student. Echter wordt het online leren
vaak ontworpen vanuit de traditionele gedachten, en wordt er dus geen
gebruik gemaakt van genoemde zaken.

Hoe zou je deze zaken nu kunnen gebruiken? De presentator toont een
model waarin naast het kennisniveau van de student ook de leerstijlen
en andere leerkarakteristieken gebruikt worden binnen de online
leeromgeving. Al het leermateriaal staat in een repository, maar een
speciaal onderdeel stelt het aanbod voor iedere student samen op basis
van de beschikbare informatie over de student.

Bij mij komt de vraag op of er al online leeromgevingen zijn die dit
model gebruiken?
In het onderzoek van de spreker zijn er twintig leeractiviteiten
gemaakt die ingedeeld zijn naar de onderdelen van Canfield. In het
model van Canfield heeft de spreker een kolom toegevoegd met de online
variant van het voorstel dat Canfield doet per categorie. Drie groepen
studenten zijn aan de slag gegaan. De ene groep was zich bewust van
zijn leerstijl, en kreeg de best passende activeiten aangeboden, de
tweede groep koos zelf zijn eigen activiteiten. De derde groep was een
controle groep die stap-voor-stap door de leeractiviteiten gegaan
zijn. De online omgeving die gebruikt werd is Moodle. De spreker is
erg enthousiast over Moodle.

Een interessante opmerking uit de aanwezigen is dat de studenten die
zich voor haar cursus inschreven voor de online variant 70% tot 80%
voornamelijk visueel-verbaal ingesteld zijn, terwijl de studenten die
zich inschreven voor de traditionele variant veel minder
visueel-verbaal ingesteld zijn.

Het onderzoek leverde de volgende inzichten op:
1. Het is mogelijk om online activiteiten te onwikkelen die recht doen
aan de leerstijl van de student. De studenten bevestigden dit inzicht
in de interviews die afgenomen zijn.
2. De "organizational" leerstijl lijkt de meest effectieve te zijn in
een online leeromgeving. Het grootste deel van deze groep ronde de
cursus volledig af.
3. Het is erg belangrijk dat de activiteiten die ontwikkeld worden ook
echt passen bij de leerstijlen. Zo niet, dan leverde dit veel
frustratie op bij de studenten.
4. Studenten die hun leerstijlen kenden en op basis hiervan passende
activiteiten uitkozen waren meer tevreden dan de studenten die dat
niet deden. Daarnaast kwamen ze verder in de cursus dan de anderen.
5. Het gebruik van leerstijlen in een online omgeving en het matchen
op de meeste effective leeractiviteiten werkt voor de student.

Interessante resultaten die het volgende impliceren: 1. Geef de
studenten inzicht in hun leerstijlen, 2. Ontwerp de cursussen rekening
houdend met leerstijlen (gebruik hiervoor Web 2.0 technologie), en 3.
Maak het mogelijk dat studenten ook kunnen ervaren hoe het is om
leeractiviteiten uit te voeren die niet bij hun dominante leerstijl
passen.

Een reactie plaatsen

<< Startpagina


<< terug naar startpagina
Laatste berichten
Connected Colleges and Conneted Communities
?Round Robin? met elkaar!
Workshop Camtasia
Nashville (7) - Persoonlijke portals
Verslag van Rob Smit, Nova
Foto's Kees Engelhardt
Verslag van de Kennisnetavond
weblog rivor
Foto's van bevallende bizons en meer
Adopting third-party content

Powered by Blogger